Gehaakte onderzetter / pannenlap

By

Het mooie patroon van de kerstbal van ‘byManouk‘ bracht mij op het idee om hiervan een kleedje of onderzetter van te maken. De puffsteek zorgt voor een dik gehaal waardoor deze ook prima gebruikt kan worden als pannen-onderzetter maar ook als pannenlap.

De eerste drie toeren zijn precies hetzelfde als van de kerstbal:

Toer 1

De eerste toer bestaat uit 5 puffs. Eén puff bestaat uit 7 lusjes op je haaknaald waarna je als laatste stap de draad door deze 7 lusjes heentrekt. Je haakt om te beginnen 2 lossen. Daarna maak je 1 puff in de 2e losse vanaf de haaknaald. Daarna maak je 2 puffs: één in de lus naast je haaknaald en 1 in het lusje waar je de eerste puff ook in gemaakt hebt. Hierna haak je nog twee keer setjes van 2 puffs en sluit af met een setje van 3 puffs. Telkens de laatste puff van deze setjes in het lusje haken waar je de eerste puff ook in gemaakt hebt. Dit is de ‘kern’ van de bloem. Rondom deze eerste ‘cirkel’ tel je 5 blaadjes (puffs).

De setjes of puffs van toer 1 worden als volgt genoteerd:

[ 1 ] ~ [ 2 ] ~ [ 2 ] ~[ 2 ] ~ [ 3 ]

Maak nu een ‘marker’ vast in de laatste steek zodat je straks weet wanneer je bij de volgende toer helemaal rond bent.

Toer 2

Vanzelfsprekend moet het aantal puffs worden uitgebreid om een grotere (platte) ronde te krijgen. Net zoals bij de kerstbal haken we de volgende setjes met 2 of 3 puffs:

[ 2 – 2 ] ~ [ 3 – 2 ] ~ [ 3 – 2 ] ~ [ 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 ]

Zoals je ziet zijn dit precies 10 setjes. Dit aantal heb je nu ook aan ‘blaadjes’ rondom de cirkel. Iedere bloem die je nu hebt gehaakt heeft 6 blaadjes. Dit is een handig controle-middel tijdens het haken.

Toer 3

Toer 3 is ook nog precies hetzelfde als bij de kerstbal. Deze keer is de reeks met puffjes verdeeld in groepjes van 3. Je ziet dat het telkens een herhaling is met uitzondering van de eerste en laatste groep. We maken puffjes als volgt:

[ 2 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 ]

Totaal heb je nu 15 blaadjes rondom de cirkel. Ook hier is wederom een makkelijk herkenningspunt dat een bloem die ‘klaar’ is 6 blaadjes moet hebben. Je meerdert dus door een groepje van 2 puffjes te haken.

Tot en met de derde toer bestaan alle bloemetjes/sterretjes uit 6 blaadjes. Vanaf toer 4 gaat deze ‘regel’ niet meer op.

Toer 4

Vanaf nu wordt het patroon anders dan de kerstbal want we moeten niét de hoogte in maar het moet een plat geheel blijven. We blijven dus meerderen. Iedere toer wordt het totaal aantal blaadjes (rondom) vermeerderd. De groepjes met puffjes worden nu:

[ 2 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 3 ]

Ook valt je hier de ‘herhaling’ vast weer op. Alleen het eerste en laatste cluster wijken af. De middelste vijf clusters zijn hetzelfde. De clusters ‘groeien’ vanaf nu naarmate we verder gaan. We hebben in toer 4 totaal 7 blaadjes gemeerderd. Meerderen gebeurt bij de setjes van 2 puffs.

Na toer vier heb je rondom 22 blaadjes en is de doorsnede ongeveer 9 cm.

Ik wissel nu van kleur. Dit hoeft natuurlijk niet. Je kan per toer zelf bekijken of je wel of niet met een andere kleur verder wil gaan.

Toer 5

In toer 5 worden de clusters groter, deze bevatten nu 5 groepjes. Na toer 5 heb je rondom totaal 30 blaadjes en de doorsnede is nu 12 cm. Toer 5:

[ 2 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 2 ] ~ [ 3 – 3 – 3 ]

Waar ik zelf al bang voor was en nu ook steeds meer gaat opvallen is dat je een soort van ‘hoekige cirkel’ gaat krijgen. Dit is logisch. We meerderen nu immers telkens op precies dezelfde plek. Op bovenstaande foto zie je duidelijk de ‘hoeken’ waar gemeerderd is. Dit gaan we in toer 6 ‘rechttrekken’.

Toer 6

Omdat we geen hoekige circel willen gaan we nu op een andere plek meerderen. Hierdoor klopt de ‘logica’ van herhalen niet meer precies.

Zoals je ziet in onderstaande clusters meerderen we nu op een andere plaats waardoor de cirkel weer mooi rond wordt:

[ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 3 – 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ]

Totaal heb je nu 37 blaadjes rondom en de doorsnede is nu 15 cm.

Je kan er voor kiezen om nu te stoppen. Het is al een mooi formaat onderzetter geworden.

Wil je ‘m nog groter maken? Volg dan onderstaande toeren:

Toer 7

In de vorige toer hebben we 7 blaadjes gemeerderd. Precies genoeg om de onderzetter tot een mooi vlak geheel te krijgen. Meerder je meer blaadjes dan gaat de onderzetter ‘golven’. Meerder je minder blaadjes van gaat het meer een soort van schaal worden.

De clusters van toer 7 worden weer groter dan de vorige toer:

[ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ] ~ [ 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3 ]

Totaal heb je na ronde 7 rondom 44 blaadjes en de doorsnede is 18 cm.

Ik vind het kleedje nu weer te hoekig dus doe er nóg een toer achteraan om ‘m weer mooi rond te krijgen.

Toer 8

Ik wissel weer van kleur en ga verder met nóg grotere clusters. De clusters bestaan in de 8e toer uit 7 groepjes. We meerderen weer op een andere plek zodat het geen hoekig kleedje wordt maar juist een mooi rond geheel:

[ 3 – 3 – 3 – 2 – 3 – 3 – 3] : herhaal deze nog 5 keer, dus totaal 6 dezelfde clusters.

Het laatste cluster is als volgt: [ 3 – 3 – 3 – 2 – 3 – 3 – 3 – 3 – 3]

Totaal heb je rondom nu 51 ‘blaadjes’ en de doorsnede is nu 20 cm. Ik vind ‘m zelf nu groot genoeg maar als jij ‘m groter wil maken dan vergroot je telkens de clusters met één groepje.

Afwerking

Rondom het kleedje maak ik franjes van dezelfde kleur als de laatste toer. Franjes maak je door losse draadjes rondom het kleedje te knopen.

Uitleg van een trucje om alle draadjes precies even lang te krijgen:

Knip 2 gelijke stukken karton. Formaat: precies zolang als je de draadjes wil hebben. Mijn draadjes wil ik 6 cm lang hebben zodat ze na het knopen een kleine 3 cm zijn. Leg de twee stukken karton op elkaar en ga hierom heen draaien met je katoen. Ik wil 3 draadjes per ‘blaadje’. Er zijn 51 ‘blaadjes’ dus heb ik 153 draadjes nodig. Draai nu 77 keer (153 : 2) om het karton. Knip daarna tussen de twee stukken karton aan beide zijdes de draadjes door en voila…. je hebt 154 precies even lange draadjes!

Knoop de draadjes één voor één aan het kleedje. Zoals ik hierboven al zei, 3 draadjes per ‘blaadje’ is precies genoeg. Het ‘knopen’ doe ik met de haaknaald. Vouw één draadje dubbel. Haal het midden van het dubbelgevouwen draadje door de uitsparing tussen twee blaadjes. Trek daarna met de haaknaald de 2 uiteinden van het draadje door de lus van het dubbelgevouwen draadje en trek deze stevig aan. Totaal 153 draadjes knopen.

Franjes ‘uitkammen’

Je kan de franjes ook nog uitkammen. Kijk wat jij het mooiste vindt en maak je keuze of je dit wel of niet doet.

Mocht je deze gehaakte pannenlap of gehaakte onderzetter ook maken dan zou ik het leuk vinden als je hiervan een foto mailt.

Succes !!

Leave a Comment